|

Zo nu en dan wordt het alledaagse spotten in Amsterdam me een beetje beu, bijvoorbeeld door de hordes concurrentie. Erg gezellig, tot deze kleine mannetjes – door een niet nader te noemen spotter ‘kleutercrew’ gedoopt – zich tussen mij en de auto bevinden. In een vluchtpoging stapte ik op de trein en vervolgde mijn reis verder per bus, om uit te stappen in een rustig dorpje met grootse verwachtingen. Was het inderdaad allemaal zo geweldig?
Zoiets begint natuurlijk weinig inspirerend, in je achterhoofd heb je een Jarama, een Daytona, een triootje EB110’s en niet te vergeten een T350C. Oh ja, en twee Carrera GT’s, twee Diablo’s die zich ook al in Amsterdam lieten zien, en werkelijk talloze exotische klassiekers. Maar op het moment dat je zelf naar dat kruispunt kijkt lijkt er niet echt veel te gebeuren. Peugeotje hier, Opeltje daar. Als je te veel op Autogespot kijkt krijg je al gauw een verdraaid beeld van de werkelijkheid, en waan je je in gedachten in een zee van exoten. Tot je er zelf bent dus. Al spoedig ontdekte ik dat m’n camera nog niet helemaal was gehabiliseerd dus de dag begon met een volledig overbelichte opname van een Clio V6. Kut…





Het klinkt misschien als een amateuristisch karretje, maar ik kan je vertellen dat het geen auto is in de trant van een Golf R32. De Clio V6 is namelijk met veel race-knowhow gebouwd bij TWR -Tom Walkinshaw Racing- overigens hebben die alleen de Phase I verzorgd. Het werd een auto met de nadruk op rijden, en ik kan uit ervaring vertellen dat hij zijn vak goed verstaat. De voorwielaandrijving maakte plaats voor achterwielaandrijving en de motor werd achterin geplaats. Inderdaad, de kids kunnen niet meer mee. De motor die erin ligt is overigens een V6 met een inhoud van 2,9 liter en een maximum vermogen van 255 pk. 0-100 in 6,4 seconde, topsnelheid 235 km/u. Dat zijn zo’n beetje wat leuke platte facts, die in de praktijk overigens vrij weinig zeggen, de snelheidsbelevenis is erg indrukwekkend!



De volgende noemenswaardige score betrof een bruine Silver Spirit op Britse platen, een Rolls van de oude garde die we niet zo vaak meer zien. De meeste van de 8.129 exemplaren zijn namelijk geconcentreerd verdeeld over Mayfair, Knightsbridge, Belgravia, Brompton en Kensington, hier in Nederland vinden we ze maar met mondjesmaat. Oude auto’s blijven vaker binnen staan. Maar vandaag bleven ze in het geheel niet binnen staan, zoals we later nog een aantal keren zullen zien.

Wat er volgde was aanvankelijk niet erg interessant, dingen als een SL 55 AMG, Continental GT, Porsche 964 en een Audi A4 DTM is meer wat voer voor tussen de echt bijzondere dingen door. Niet dat ik ze in het geheel negeer, want 500 pk is en blijft natuurlijk altijd 500 pk, maar ik zal ze in casu achterwege laten ten bate van de auto’s die we wat minder tegen komen.
Of voor auto’s die gewoon altijd indruk blijven wekken, zoals zo’n gigantische Phantom, zelfs als je de kont weg denkt, zoals op de eerste foto ontbreekt. Het is één van de bekendste Phantoms uit de wereld van de spotterij, de meeste mensen hebben hem wel eens gezien en weten wie ermee rijdt. Chris Luken, ook wel bekend als Hotelbon Miljonair, zo laat ik me vertellen door dochterpagina VipSpotting.nl.
Maar stiekempjes wist ik dat zelf ook wel. Overigens één van de weinige VIP’s die ik zelf herken, voor de rest laat ik me graag inlichten door de mensen die me vragen “wie rijdt er in die auto?”, en het soms zelf kunnen vertellen. “Nee mevrouw, het gaat om de auto zelf, zo’n Phantom kost meer dan een half miljoen hier in Nederland”, is dan meestal ongeveer het antwoord, hoewel ik wel eens de neiging heb te zeggen dat J.F. Kennedy erin zit… Misschien gaat het wel om de auto zelf, vindt u hem er niet opvallend decadent uitzien mevrouw? Kleine ergernissen en irritaties om mensen die werkelijk geen begrip hebben voor een hobby.




Goed, dat was de Phantom, het is nog lang niet afgelopen met de Rolls-Royces. Waar we normaal bekogeld worden met Benzen, Porsches en Aston-Martins is dit echt een dag voor al het moois uit Crewe, Cheshire. De auto in casu lijkt aanvankelijk gewoon een Silver Shadow te zijn, maar al gauw blijkt het om een wat zeldzamere versie met lange wielbasis te gaan, te herkennen aan een aanzienlijk langere achterdeur (nou ja, +4 inch, maar dat zie je wel op de lengte van één deur) en een kleinere achterruit. Het gaat om een exemplaar uit 1976 met rubber bumpers, een kenmerk van de Series II die op de markt kwam in… 1977. Tegen zulke dingen loop je wel eens aan bij het identificeren van auto’s, het blijven mysteries, en je maakt de aanname dat het tóch om een Series II gaat, verder niet echt relevant overigens.




Iets later spotten we nog een celebrity, hoewel ik de persoon achter het stuur er niet in herken. Hoe ik hem dan toch herken? Nou dat zit zo, we onthouden een auto, en daarbij de celeb die er in zit, in plaats van andersom. Het zou trouwens moeten gaan om Gordon.




Later staat er nog eentje in lichtblauwmetallic, iets dat goed past bij de lucht die je met open dak hoopt te zien. Ver gezocht? De Bentley Azure is ernaar vernoemd; doe de kap open en aanschouw de azuurblauwe hemel. Het blijft overigens bij detailfoto’s, want… Ja, waarom eigenlijk? Op de foto’s van de zwarte kun je in ieder geval goed zien hoe de overall lijn is.



Ik word namelijk afgeleid door een CL63 AMG. Damn, alweer geen goede foto’s.
Ik ga door met klikken tot een definitieve afleiding, een auto die zonder meer de meest aparte is uit de serie! Het is een hoekige rode auto met een vinyl dak, voor een leek komt hij wellicht over als een Amerikaan uit de jaren ’70. Hoekig, lang en breed, maar dat is omdat je gewoon niet verwacht dat het een echte Rolls-Royce is! Je had hem ook best aan kunnen zien voor een Fiat 130 Coupé XL, of een Ferrari 400i XL, want die ontwerpen zijn sterk gerelateerd. We hebben hier te maken met de Rolls-Royce Camargue, een echte rariteit uit de schappen van Crewe, Cheshire. Geen Mulliner, Park-Ward, of James Young, neen, deze auto is vormgegeven door Pininfarina en zodoende niet toevallig zo lijkend op de twee Italianen. Op plaatjes geen erg mooie auto, vond ik zelf. Gewoon een interessante wannaspot. Een curiositeit. Maar in het echt… Indrukwekkend, groot, bijzonder, apart, maar leuk om te zien dat het om een Rolls-Royce gaat, iets heel herkenbaars op een erg merkwaardige auto zeg maar. Een auto die óók voor Rolls-Royce begrippen nog erg exclusief is, en dat heeft een prijskaartje. Ongeveer 300.000 gulden in de jaren ’70. Is dat niet €136.134? Nee, dat is inderdaad geen ruime honderddertigduizend euro. Er is namelijk dertig jaar inflatie overheen gegaan, en dat betekent dat dit omgerekend, afgezien van de gigantische Phantom IV/V/VI, de allerduurste Rolls-Royce ooit is!










Óók tegenwoordig mag je nog redelijk in de buidel tasten, want wil je één van de ongeveer 525 exemplaren in handen krijgen, dan kost het je 40 mille. En dan heb je niet eens per se een probleemloze auto, want met name de oudste exemplaren, op Silver Shadow chassis, zijn problematisch. Denk aan corrosieve remvloeistof die het remsysteem aantast, en een matige ophanging. In 1979 kwam het chassis dat ook werd gebruikt voor de Spirit, en dat maakte uit. Latere exemplaren, zoals de afgebeelde, zijn stukken beter. Nu hem in het echt te hebben gezien ben ik hem stukken meer gaan waarderen, zeker schuin van achteren is het rechte design erg strak, goed geproportioneerd, en indrukwekkend breed.
Het begint tegen een einde te lopen, maar Laren kennende betekent het dat er nog wel ergens een klassieker te vinden is. Sterker nog, ik weet hem te vinden. Ik ben er namelijk in mijn achtervolging op de Camargue eentje tegen gekomen. Het gaat om een klassieker die in juli zijn zestigste verjaardag mag vieren! Een Chevrolet Stylemaster uit 1948. Dit was de goedkoopste Chevrolet van na de tweede wereldoorlog, een periode waarin er veel behoefte was aan auto’s, wat wil je na zo’n oorlog. Van 1946 tot 1948 werden er dan ook een half miljoen van verkocht, allemaal uitgerust met een 92 pk sterke 3,6 zes-in-lijn. De auto was er als coach, coupé, en sedan (afgebeeld). Uiteraard zijn er niet veel meer van over, zeker niet buiten Amerika. En meestal staan ze binnen…









De dag werd afgesloten met een Bentley, maar niet de eerste de beste. Want hoe vaak zie je een knalrode Bentley? De meeste zijn zwart of grijs, dus dit is voor de spotter een soort ‘collectors item’, leuk om foto’s van de hebben tussen alle grijze muizen. Het is duidelijk iemand die het net iets anders wil, want ook de uitlaten zijn anders dan anders. Gelukkig geen doe-het-zelver die aan de gang is gegaan met materiaal van Remus, maar een origineel, door de fabriek geleverd setje, dat ik zelf overigens alsnog ontzettend uit de toon vind vallen bij de rest van de auto. Deze uitlaten zitten (helaas) standaard onder de Arnage T Mulliner. Dit was een mooie afsluiter, hoewel het zich natuurlijk voor de zoveelste keer voordeed dat hij al bekend was, en wel uit Amsterdam.



Tags: Bentley, Chevrolet, Mercedes, Renault, Rolls-Royce
|